De grootste Franse brouwer

De grootste Franse brouwer

Het zou een mooie quizvraag zijn: ‘Wat is het grootste Franse brouwconcern?’. Kronenbourg zegt u? Mis! Kronenbourg is niet meer dan een dochterbedrijf van het Deense Carlsberg. De grootste Franse brouwer is BGI, onderdeel van de Franse Castelgroep. Wereldwijd is het de tiende brouwerij ter wereld. Het bedrijf heeft met een productie van bijna 3,3 miljard liter bier een wereldwijd marktaandeel van ongeveer 1,7%. Om het in perspectief te plaatsen, HEINEKEN is ongeveer zes keer zo groot. Het is een fascinerend bedrijf, een succesvol mysterie. Zo heeft BGI geen enkele brouwerij in Frankrijk zelf. Ze is echter dominant in Franssprekend Afrika, waar ze meer dan veertig brouwerijen bezit. Precieze omzetcijfers zijn niet bekend (Castel zou zo’n 2 miljard euro omzetten), laat staan winstcijfers, want het bedrijf is niet beurs genoteerd. Castel is in handen van een familieholding waarover één man onbetwist de scepter zwaait. Een man van in de negentig, die alle publiciteit zoveel mogelijk schuwt.

Pierre Castel is een van de rijkste mannen van Frankrijk, een self made man. Zijn vader emigreerde uit Spanje naar Bordeaux, op zoek naar werk in de wijngaarden. Samen met acht broers en zussen richtte Pierre Castel in 1949 een wijnhandeltje op. Ze richten zich niet op de dure chateaux, maar juist op goedkope doordrinkwijnen. Dat is de reden dat Castel door de lokale wijnadel nauwelijks serieus werd genomen. Dit hadden ze beter wel kunnen doen. Het wijnhandeltje is inmiddels uitgegroeid tot de grootste wijnproducent van Frankrijk en nummer drie wereldwijd.

Een paar jaar na de oprichting van het bedrijf vertrok Pierre naar Guinée om er een paar overgebleven fusten wijn te slijten. Het werd het begin van een levenslange liefdesrelatie met het Afrikaanse continent. Zijn bieravontuur begon toen hij in 1967 in een bar in Libreville werd aangesproken door een jonge man met de vraag of hij z’n baas wilde ontmoeten. Castel zei ja op het  verzoek en heeft dat nooit betreurd. Die ‘baas’ bleek namelijk Leon Mba, destijds president van Gabon. Net zoals veel voormalige koloniën kort na de onafhankelijkheid, wilde ook Gabon graag een eigen brouwerij hebben. Zoals Frank Zappa ooit al zei: “You can’t be a real country unless you have a beer and an airline. It helps if you hve some kind of a football team, or some nuclear weapons, but at the very least you need a beer.” Niet alleen zorgt een brouwerij voor werkgelegenheid, de dorst van de inwoners zorgt ook voor een mooie bron van inkomsten voor de staat. De jonge man in kwestie was overigens Omar Bongo, die zelf de langstzittende president van Gabon zou worden.

In 1990 kreeg Castel de kans om Brasseries et Glaceries Internationales (BGI) over te nemen, dat zelf ook meerdere brouwerijen in Afrika bezat. Castel hapte toe nadat onderhandelingen tussen HEINEKEN en BGI over een algehele overname klapten. HEINEKEN had eerder de Franse brouwerijen van BGI in handen gekregen. Castel bracht al zijn bieractiviteiten onder in BGI, en daar zitten ze nog steeds.

De Franse voorliefde om afkortingen te gebruiken maken het bedrijf BGI alleen maar mysterieuzer. Als je de namen van de brouwende dochterondernemingen achter elkaar zet, klinkt het als een gedicht. Of een toverspreuk, de toverspreuk van Pierre Castel:

SOLIBRA,SOBEBRA, SOBOA,

BRAMALI, BRADIBO, BRAFASO, BRASIMBA,

SOEGUIBE, CUCA, MOCAF!

Geen reactie's

Geef een reactie