Drinken aandeelhouders bier?

Drinken aandeelhouders bier?

[2009] De economische crisis roept de vraag op: wat vertellen de beursgenoteerde bierbrouwers hun aandeelhouders? En wat vinden die aandeelhouders belangrijk? Hoogste tijd om een bezoek te brengen aan de aandeelhoudersvergadering van Heineken in Amsterdam.

De bijeenkomst is goed beveiligd. Zonder toegangsbewijs kom je er niet in. Eenmaal binnen moet de bezoeker zich registreren en ontvangt hij een electronisch stemkastje. De twee grote Heinekenbarren zijn nog dicht. “Alcoholische dranken worden geserveerd na afloop van de Heineken N.V. vergadering” staat op een bordje. Obers in stemmig wit/zwart lopen rond met koffie. De vergaderzaal vult zich langzaam met voornamelijk grijzende en kalende heren in blazer of grijs pak. Hier en daar is een beleggingsclubje te ontdekken dat er een mooi dagje uit in Amsterdam van maakt. Ver weg, aan de andere kant van de zaal zitten de Raad van Commissarissen en de Raad van Bestuur achter een lange tafel onder een enorm videoscherm. Door de omvang van het scherm boven ze, lijken het wel dwergen. De meeste commissarissen hebben de hele vergadering weinig te doen. Ze proberen onopvallend hun Blackberry te checken. Misschien maken ze wel tekeningetjes op de vergaderstukken.

De vergadering zelf is strak geregistreerd. De voorzitter van de Raad van Bestuur geeft een uitgebreide toelichting op het jaarverslag. Het economisch tij zit de brouwer tegen, zeker in de Verenigde Staten en Groot Brittanië. De prijs van het bier wordt in Amerika niet verlaagd – de marge is heilig. In Groot Brittanië heeft Heineken last van de perfect storm: alles zit tegen. Pubs stromen leeg, de pond verliest een derde van zijn waarde en de regering verhoogd de accijns twee keer in één jaar. Toch is er ook reden voor optimisme. Azië en Afrika doen het goed. Na afloop van het betoog worden de aandeelhouders lekker gemaakt met twee flitsende reclames. Een voor het merk Heineken in Ierland, de ander voor de nieuwe vrouwencider Jilz in Nederland. Dat laatste merk is al maanden verkrijgbaar in de kroeg, maar toen ik het bestelde was de eerste vraag van de barman of ik marktonderzoeker was. Ik zou de eerste betalende consument worden van het product.

Na de reclame is het de beurt aan de zaal voor vragen. Voor mijn ogen wordt een rituele dans opgevoerd. Vertegenwoordigers van de Stichting Rechtsbescherming Beleggers, de pensioenfondsen, de Stichting Duurzaam Beleggen en de Vereniging van Effectenbezitters vragen allemaal het woord. Het lijkt ze er meer om te gaan om een reclameboodschap over hun eigen belangengroep te houden dan  om een goede vraag te stellen. Een hele kudde stokpaarden trekt voorbij. De vertegenwoordigster van de Rechtsbeschermers besluit haar inbreng met een luid loflied op Jilz. Zou ze door Heineken ingehuurd zijn om de toon van de vergadering te zetten? Na de stokpaarden van de beroepsbeleggers mag ook één van de gewone beleggers het woord doen. Nerveus wippend op zijn schoenen vraagt hij zich af wat het belang van James Bond is voor het merk Heineken. Discussie is nauwelijks mogelijk, iedere discussie wordt in de kiem gesmoord. Het is een serie vragen, de bijpassende antwoorden – meestal vaag, en de volgende vraagsteller. Wat me het meest opvalt is dat het over geld gaat, kosten of de marges van het merk Heineken. Maar bier, daar wordt eigenlijk nauwelijks over gesproken. Ben ik bij een bank of een brouwer?

Tags:
Geen reactie's

Sorry, het is niet mogelijk om te reageren.