Communistenflesje

Communistenflesje

[2019] Dit jaar bestaat de belangenvereniging Nederlandse Brouwers tachtig jaar. Bierbrouwerij Dommelsch bestaat 275 jaar. Het is mooie aanleiding om eens stil te staan bij de geschiedenis van de gemeenschappelijke Nederlandse bierfles.

Aan het begin van deze eeuw ziet het bierschap er bij de supermarkt tamelijk eenvormig uit. Dat komt niet alleen door de beperkte keuze aan verschillende bieren, maar ook omdat alle bieren in hetzelfde flesje verpakt zijn: het bruine pijpje. Alleen het etiket en kroonkurk zijn een teken van onderscheid. Zelfs Heineken pils, dat in bijna de hele wereld bekend staat om zijn iconische groene flesje, zit in Nederland gevangen achter bruin glas.

Vrijwel al het bier wordt verpakt in statiegeldverpakkingen. Om de logistiek te vereenvoudigen dwingen de supermarkten af dat voor ieder bier eenzelfde flesje wordt gebruikt. Dan hoeven ze niet uit te zoeken welk flesje in welk krat verdwijnt. Je hoeft immers alleen het etiket af te wassen en het is niet meer te zien waar het flesje vandaan komt. Alleen Grolsch met z’n beugelfles en een enkele Belgische brouwer weet zich aan deze eenheidsworst te onttrekken. Maar er is verandering op komst. Het is een teken aan de wand dat hoofd verkoop Hendrik Jan de Mari van Grolsch in 2006 tijdens een symposium van consumentenorganisatie PINT deze gemeenschappelijke fles in omschrijft als een ‘bruin communistenflesje’. De dagen van eenvormigheid die logistiek zoveel voordeel bracht maar marketeers tot wanhoop drijft, zijn geteld. Grolsch stapt kort daarop over op z’n eigen groene retourfles. Het duurt niet lang of ook andere brouwers volgden met een eigen fles. Nu is het pijpje bijna weer onderscheidend geworden. Slechts een handvol merken gebruikt hem nog waaronder Amstel, Dommelsch en Gulpener.

De geschiedenis van de 30 BNR fles, zoals het pijpje in het brouwersjargon heet, gaat terug tot midden jaren tachtig van de vorige eeuw. Zijn voorganger, de apo-fles, is dan al zestig jaar in gebruik. Het is tijd voor vernieuwing. Op aandringen van Heineken wordt gekozen voor een nieuwe fles, die veel lichter en ook kleiner is dan z’n voorganger, terwijl de inhoud gelijk blijft. Hierdoor is het mogelijk om per pallet één laag extra kratten te stapelen. Dat levert een enorme logistieke besparing op: minder palletbewegingen, minder vrachtwagens. Het vervangen van alle flessen en kratten is voor iedere brouwer wel een enorme logistieke en financiële uitdaging. Het CBK, de voorloper van Nederlandse Brouwers, krijgt het modelrecht van de nieuwe fles en moet het gebruik in goede banen leiden. De brouwers spreken af om voor  de tweede helft van 1986 met de vervangingsoperatie te starten. Op 1 april 2017 moet ze afgerond zijn.

Het lijkt niet nodig een begindatum voor de overgang vast te stellen. Directeur Jaak Troch van de Dommelsche bierbrouwerij ziet hierin een gouden kans. Als Dommelsch als eerste met zo’n nieuw krat en flesje op de markt kan komen, leidt dat ongetwijfeld tot een stuk hogere omzet. Dommelsch staat toch al voor de keuze om fors te investeren in flessen en kratten, dus deze vernieuwing komt eigenlijk wel goed uit. De brouwerij contacteert een ‘eigen’ glasfabriek in België om de 30 BNR fles te produceren. De opzet lukt. Dommelsch vult op 24 maart 1986 als eerste de 30 BNR fles en weet mede hierdoor uit te groeien tot een nationaal bekend merk.

 

Gebruikte bronnen:
Hovens, Henk. Dommelsch Bier ’n eeuwenoude traditie, 2004
Winkel, Rik. ‘Allemaal communistenflesjes’, Financieel Dagblad 28 oktober 2006.

Geen reactie's

Sorry, het is niet mogelijk om te reageren.