23 feb Tafelbier
[2026] Tafelbier, dat is een begrip dat in Belgiƫ al snel nostalgische gevoelens oproept. Het is een bier met een heel laag alcoholgehalte dat je bij opa en oma aan tafel te drinken kreeg. Lang voordat er frisdrank op de markt kwam. Tafelbier, dat wordt gezien als een voedzame, vrijwel alcoholvrije, drank. Dat ene procentje alcohol dat er in zit is eigenlijk verwaarloosbaar. Een rijpe banaan kan meer bevatten. Het mooie is, dat de traditie nog steeds door enkele Belgische brouwerijen in ere gehouden wordt. In Nederland is tafelbier een vrijwel onbekend begrip. Voor ons kan tafelbier ieder bier zijn, dat tijdens het eten op tafel komt.
Juist vanwege de bijzondere culturele waarde, verdiept biersommelier Ithar da Costa van Blijbier zich in tafelbier. Hij geeft er zelfs lezingen over, zoals onlangs in het Belastingmuseum in Rotterdam. Het is een vreemde, kleine, niche van de bierwereld. Maar in al zijn bescheidenheid ook een niche, waar nauwelijks aandacht voor bestaat. En dat is zonde, want de traditie van tafelbier dreigt te verdwijnen. Niet in het minst door de populariteit van frisdranken. De presentatie van Ithar heeft me aan het denken gezet, en ik kom tot de volgende stelling.
De oorsprong van tafelbier kent twee wortels. De eerste is het armenbier van vele eeuwen terug. Van de mout werd een eerste spoeling genomen om dik bier te maken. Dat was het sterke bier voor de gegoede burgers, geestelijkheid en adel bij bijzondere gelegenheden. Een tweede spoeling, dun bier, was de drank voor alle dag. Maar daarna was de mout nog niet helemaal uitgeput. Het is als een theezakje dat je meerdere keren gebruikt. Er komt altijd nog wat smaak en kleur vanaf. De derde spoeling, het scharrebier, is het bier voor de armen. Het is een verwaterde drank, letterlijk een beetje scharrig. Dat verwateren kan natuurlijk ook door een sterker smakende drank wat te verdunnen. In Duitsland kun je tot op de dag van vandaag Apfelschorle (appelsap met bruiswater) of Weinschorle (wijn met bruiswater) bestellen. Met een beetje goede wil kun je dat armenbier wel als Bierschorle zien, hoewel het verdunnen in dit geval al tijdens het brouwproces plaatsvindt.
De andere wortel van tafelbier heeft te maken met zoete, ongegiste graandranken. Suiker was tot in de 19eeeuw een luxeproduct. Door graan te vermouten kun je echter wel een zoete drank maken, die je al dan niet laat vergisten. Tot op de dag van vandaag kun je in de Baltische staten Kvass drinken: een mierzoete, donkere drank gemaakt van hoofdzakelijk rogge, die wel wat aan kindercola doet denken. Er bestaat ook een variant met wat alcohol. In Duitsland bestaat die moutdrank ook, bijvoorbeeld Vitamalz, en ook in delen van Afrika is het bekend. Een energierijk drankje.
Belgisch tafelbier lijkt wel wat op de mix van beide tradities. Het is gebrouwen en vergist, laag in alcohol en vaak mierzoet (tegenwoordig dankzij zoetstoffen). Het doet wel wat denken aan het Nederlandse Oud Bruin, dat met 2% wel wat sterk voor een tafelbier is. Je zou er een Oudbruinschorle van kunnen maken.
Overigens was dat tafelbier voor brouwers een uitkomst. Door misbrouwsels aan te lengen, te kleuren en aan te zoeten, kun je ze alsnog op de markt brengen. Zo gaan er geen waardevolle voedingsmiddelen verloren.
Geen reactie's